publicatie 22 december 2002
ronald langereis - 2002 © 2004 - amsterdam


lichte muze

sonnet
22 december 2002

Je ogen zo blauw als de zee van het zuiden,
Je lippen zo licht als het dons van een zwaan,
Je haren zo wit als de sluier van bruiden
Die op ‘t laatste moment hun eigen weg gaan.

Je spottende lach, die al wat zwaarwichtig
En plechtig en ernstig is laakt,
Het vuur, waar je licht, maar altijd omzichtig
Mee jaagt, als de liefde je raakt.

Zo houd ik van jou, jij dochter van koren,
Je bent een zaaier, je ploegde mijn ziel.
Wuivende woorden sprongen op in de voren
Mijn lied is de oogst die bij volle maan viel.

Neem nu van het brood en proef de amuse
Rood is de wijn die ik drink op mijn Muze.

Als rechts geen lijst van gedichten staat,
klik dan hier om verder te gaan.